Van gras tot glazuur

De grond waarop ik dagelijks vertoef is een grond die veel mineralen bevat en voedselrijk is voor planten. Zo ook voor het gras dat er groeit.  Ik maak daar  dankbaar gebruik van. Mijn werkwijze is heel simpel. Het gras wordt in eerste plaats gehooid voor  onze paarden maar er blijven weleens op het einde van de winter wat botten over of er zit ook al eens een slecht gedroogde bot bij.  Dat hooi  geef ik  andere bestemming.  Deze herbestemming vindt zijn inspiratie in het Oosten (China en Japan,… .). In de keramiekgeschiedenis kan je terug vinden dat  as van hout of rijststro  bij hun een belangrijke glazuurgrondstof is.  Hun glazuur is gekenmerkt door de eenvoud in zijn grondstoffen. Er zijn drie elementen nodig om een bruikbaar glazuur te maken.  Een smeltmiddel, een bindmiddel en een glasvormer.

Het gras van de Haspengouwse grond bevat veel silicium en laat silicium nu de glasvormer zijn.  Daarbij is het een grondstof die niet giftig of gevaarlijk is.  Wat wil ik nog meer?

Ik wil een goed bruikbaar glazuur  dat gemaakt is met  veilige grondstoffen.  Een glasvormer heb ik dus al.    Het is nu  een uitdaging aan de chemicus in mij om recepturen te maken (eentje heb ik al en ben ik tevreden over)  die zich perfect verbinden met de klei  en die na het het transformatieproces in de oven een spoor van leven uitstralen en weer op een andere manier het leven kunnen dienen.

Op deze manier werken verrijkt mijn leven met vreugde en voel ik aansluiting bij de woorden van Jean Vaysse:

 ‘In het heelal waarin we leven zien we dat niets verloren gaat. 
Alles komt ergens vandaan en keert, in mindere of meerdere mate 
veranderd of getransformeerd, ergens terug. 
Niets van wat vorm heeft aangenomen of leeft, blijft onveranderlijk 
en elk van deze veranderingen dient op een of andere wijze het leven.”

 

Een blik naar binnen.

IMG_0211Terwijl ik vandaag mijn dessertborden aan’t afwerken was vroeg ik mij af: waarom draai je zo graag af?  Het is niet economisch. Je steekt er veel tijd in en tijd kost geld.

Dat is waar.

Je kunt ook kiezen voor een andere vorm waarbij je niet moet afdraaien. Technisch ligt dat binnen je bereik.

Ja, dat is ook waar. 

Waarom doe je het dan?

Ik doe dat graag.

Nu dat antwoord was een beetje te simpel voor een ingewikkeld mens als ik en het bleef daar ook niet bij. Ik  hoorde mezelf zeggen:

de buitenkant moet aansluiten bij de binnenkant.

Nogal verrast van die stelling ging ik verder op introspectie en vroeg:  Wat in jou heeft daar behoefte aan?

Mijn ogen.  Als ik de binnenkant draai dan voel ik dat ze bij een bepaalde vorm een heel rustig gevoel hebben.  Wat door mijn ogen ervaren wordt als een goede maat wordt door mijn handen op die maat gevormd. Zonder passer of meetlat draai ik telkens dezelfde maat van bord.  Ik kan daarop vertrouwen.  Als ik begin met afdraaien bekijk ik altijd heel goed de binnenkant. Ik neem die in mij op. Op één of andere manier gaan mijn ogen met dat beeld aan de slag en zorgen ze ervoor dat er aan de buitenkant een vorm ontstaat die  aansluit bij de binnenkant. Telkens weer en weer.

In de spirituele wereld wordt gezegd: de ogen zijn de spiegel van de ziel. Kunt ge dan besluiten dat er een behoefte leeft?

Ik denk het wel.  Misschien was het eerste antwoord simpel. Maar het klopt wel. Als je iets graag doet betekent het dat het stroomt met wie je in wezen bent.   Hoe de stroom in de juiste voltage aangesloten moet worden op het economische netwerk daar zal ik een ander zintuig  voor aan het woord moeten laten. 

 

Mijn stempel als getuige.

Waarom draagt elk werk mijn stempel?
Keramiek_1Als de klei op mijn draaischijf komt ontstaat er een intiem moment tussen de klei en mijn gevoelige deskundige handen. Twee  energieën versmelten samen.  Voor mij sluit dit aan bij een vorm van conceptie.

Gelijk elk intiem moment tussen partners uniek is. Zo  ook, is elk bolletje klei dat op de draaischijf komt, een unieke ontmoeting tussen de klei en mij. Soms wil ik en … wil de klei niet.  Dan betrap ik er mij op dat ik als een muzikant ben die zijn instrument niet afstemt.

Als ik mijn stempel in de klei druk dan doe ik dat omdat ik wil benadrukken dat ik de getuigen was van dit uniek  moment. Het moment dat  de spirit vorm aanneemt en  mijn handen in dienst nam. Het neemt mijn handen in dienst om van klei  ‘a unique style of ceramic crafted tableware’ te maken.

Mijn stempel draagt  niet mijn initialen.  Ik  heb een symbool getekend dat geïnspireerd is op het alom gekende beeld van een zaadcel die een eicel binnendringt.   Je kan er een cirkel in herkennen waarin een pijl staat.